De stikstofproblematiek, strengere regelgeving en de urgentie van biodiversiteitsherstel dwingen professionals om duurzamer te werken. Natuurinclusief bouwen biedt een kans om deze uitdagingen om te zetten in toekomstbestendige oplossingen. Hoe kunnen we bouwen met minder stikstofuitstoot en tegelijkertijd de biodiversiteit versterken? En welke rol speelt de Omgevingswet hierin?

Wat is natuurinclusief bouwen?

Natuurinclusief bouwen gaat verder dan duurzaam bouwen; het integreert natuur als volwaardig onderdeel van de gebouwde omgeving. Dit betekent dat gebouwen en infrastructuur zo worden ontworpen dat ze bijdragen aan biodiversiteit, bijvoorbeeld door:

– Groene daken en gevels die CO₂ opnemen, verkoeling bieden en insecten aantrekken.
– Waterbuffers en wadi’s om wateroverlast te verminderen en de bodem gezond te houden.
– Faunapassages en ecoducten die natuurgebieden verbinden en de biodiversiteit vergroten.
– Gebruik van circulaire en biobased materialen zoals hout en hennep om de CO₂- en stikstofuitstoot te verlagen.

Door deze elementen toe te passen, wordt de leefomgeving groener en beter bestand tegen klimaatverandering.

Hoe draagt natuurinclusief bouwen bij aan minder stikstofuitstoot?

Naast het bevorderen van biodiversiteit helpt natuurinclusief bouwen ook bij het terugdringen van stikstofuitstoot:

1. Duurzaam materieel en bouwlogistiek
– Elektrisch materieel en waterstof aangedreven machines verminderen stikstofuitstoot.
– Prefabricage verkleint de uitstoot op de bouwplaats.
– Slimme bouwlogistiek verlaagt het aantal transportbewegingen.

2. Groene infrastructuur als stikstofbuffer
– Beplanting langs wegen en gebouwen kan stikstofdeeltjes uit de lucht opnemen.
– Bodemverbetering door groenstroken voorkomt stikstofuitspoeling naar water.

3. Circulair bouwen en biobased materialen
– Minder cementgebruik verlaagt de NOx-uitstoot.
– Houtbouw slaat CO₂ op en heeft een lagere stikstofuitstoot dan beton of staal.

De Omgevingswet: van regelgeving naar kansen

De Omgevingswet, die sinds 2024 van kracht is, biedt een integrale aanpak voor ruimtelijke ordening. Dit betekent dat projecten niet alleen op economische haalbaarheid worden beoordeeld, maar ook op ecologische impact en duurzaamheid.

Een belangrijk onderdeel van de Omgevingswet is de Europese Natuurherstelverordening. Deze wetgeving dwingt overheden en bedrijven om actief bij te dragen aan natuurherstel en biodiversiteitsbevordering.

In de praktijk betekent dit:

– Striktere eisen voor vergunningen, waarbij natuurinclusieve maatregelen kunnen helpen om projecten doorgang te laten vinden.
– Meer ruimte voor innovatieve bouwmethoden, zoals modulair bouwen en het gebruik van biobased materialen.
– Stimuleringsmaatregelen voor duurzame projecten, zoals subsidies en belastingvoordelen.

Door de Omgevingswet niet als belemmering, maar als kans te zien, kunnen bouwbedrijven en gemeenten vooroplopen in een duurzame transitie.

Concrete stappen voor de bouwsector

Wil je natuurinclusief bouwen en tegelijkertijd de stikstofuitstoot verlagen? Dit zijn enkele praktische stappen:

  • Integreer biodiversiteit vanaf de ontwerpfase – werk samen met ecologen en landschapsarchitecten.
  • Gebruik duurzame bouwmaterialen – kies voor hout, bamboe of circulaire betonproducten.
  • Beperk uitstoot op de bouwplaats – zet in op elektrisch materieel en slimme logistiek.
  • Maak natuur een vast onderdeel van infrastructuur – denk aan groene geluidsschermen, ecoducten en waterbuffers.
  • Werk volgens de Omgevingswet – maak gebruik van de mogelijkheden binnen de regelgeving voor duurzame innovaties.

Conclusie: bouwen mét de natuur, niet ertegen

De bouw- en infrasector heeft een cruciale rol in het verlagen van stikstofuitstoot en het bevorderen van biodiversiteit. Natuurinclusief bouwen is niet alleen een manier om aan de wetgeving te voldoen, maar biedt ook meerwaarde voor de leefomgeving, klimaatbestendigheid en duurzame innovatie.

Wil je leren hoe je natuurinclusief bouwt binnen de kaders van de Omgevingswet? Schrijf je in voor de training ‘Biodiversiteit in de stad volgens de Omgevingswet’ van Bouwmeesters en zet de volgende stap in duurzaam bouwen. Let op: deze training wordt in 2025 maar twee keer aangeboden, dus wees er snel bij!