Het werk is uitgevoerd, maar voldoet het ook echt aan het bestek? Bij RAW-bestekken onder de UAV 2012 is de opdrachtgever verantwoordelijk voor het ontwerp. De aannemer voert het werk vervolgens uit. Maar wie bewaakt tijdens de uitvoering dat de fundering klopt, het asfalt de juiste samenstelling heeft en beton niet wordt gestort over een wapening die nog niet is gecontroleerd?

Het antwoord zit in een combinatie van drie dingen: het kwaliteitsplan, de keuringen en de vastlegging. In deze blog lees je hoe deze onderdelen samenhangen en waarom kwaliteitsborging voor opdrachtgevers veel meer is dan een administratieve verplichting.

Waarom kwaliteitsborging ook de opdrachtgever beschermt

Veel opdrachtgevers denken dat de kwaliteit van het werk uitsluitend de verantwoordelijkheid van de aannemer is. Dat klopt maar deels.

Volgens de UAV 2012 geldt een gebrek pas als verborgen wanneer het ondanks nauwlettend toezicht tijdens de uitvoering of bij de opneming redelijkerwijs niet had kunnen worden onderkend. Dat heeft een belangrijk gevolg. Een gebrek dat je bij zorgvuldig toezicht had kunnen constateren, geldt niet als verborgen gebrek. Laat je het toezicht versloffen, dan kan dat gevolgen hebben voor je juridische positie.

Kwaliteitsborging is daarom geen luxe. Het helpt niet alleen de kwaliteit van het werk te bewaken, maar beschermt ook de positie van de opdrachtgever.

Stap 1: begin met een kwaliteitsplan

De basis voor kwaliteitsborging ligt al in het RAW-bestek. In hoofdstuk 01 (artikel 01.13) kun je van de aannemer verlangen dat hij een kwaliteitsplan opstelt. Daarin beschrijft hij hoe hij aan de kwaliteitseisen uit het bestek voldoet, welke controles hij uitvoert en hoe hij deze vastlegt.

Als opdrachtgever houd je hierbij zelf de regie. In deel 3 van het bestek bepaal je of een kwaliteitsplan verplicht is en welke stoppunten daarin worden opgenomen.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • het moment waarop de fundering is aangebracht (vóór de volgende laag);
  • Het moment waarop het asfalt is aangebracht;
  • Het moment voordat beton over de wapening wordt gestort.

Een stoppunt voorkomt dat het werk doorgaat voordat de kwaliteit is vastgesteld. Zo voorkom je dat fouten pas zichtbaar worden wanneer ze al onder een volgende laag zijn verdwenen.

Stap 2: organiseer de keuringen goed

De UAV 2012 regelt hoe keuringen plaatsvinden. Voor opdrachtgevers zijn daarbij een paar punten van belang.

  • Keuren is een keuze, geen automatisme. Sinds de UAV 2012 ben je als opdrachtgever niet langer verplicht bouwstoffen te keuren. In het bestek bepaal je óf en in hoeverre bouwstoffen worden gekeurd. Met andere woorden: regel je het niet in het bestek, dan regel je het niet.
  • De directie keurt namens de opdrachtgever. De directie kan bouwstoffen vooraf beoordelen en keuren en houdt toezicht op de uitvoering van het werk. Leg daarbij zorgvuldig vast welke bouwstoffen en werkzaamheden zijn goedgekeurd of afgekeurd.
  • Afgekeurd werk komt voor rekening van de aannemer. Als opdrachtgever betaal je voor werk dat aan de contractuele kwaliteitseisen voldoet. Voldoet het werk daar niet aan, dan moet de aannemer het herstellen.

Stap 3: vastleggen, vastleggen, vastleggen

Keuren zonder vastlegging is half werk. De waarde van een keuring zit niet alleen in het controlemoment, maar ook in het bewijs achteraf. Een goede verslaglegging laat zien wat is gecontroleerd, welke bevindingen zijn gedaan en welke onderdelen zijn goedgekeurd.

Denk daarbij aan:

  • Foto’s van de wapening vóór de betonstort;
  • Keuringsrapporten;
  • Meetgegevens;
  • Een goedgekeurd beproevingsrapport als opleveringsvoorwaarde.

Met deze documenten kun je achteraf aantonen welke controles zijn uitgevoerd en welke kwaliteit is vastgesteld.

Waarom kwaliteitsborging begint in het RAW-bestek

Kijk je naar het kwaliteitsplan, de keuringen en de verslaglegging, dan valt één ding op: vrijwel alles wat je als opdrachtgever tijdens de uitvoering wilt kunnen afdwingen, moet je vooraf in het bestek regelen.

Dat geldt bijvoorbeeld voor het verplicht stellen van een kwaliteitsplan, het opnemen van stoppunten en het uitvoeren van keuringen. Ook eventuele boetes, zoals bij afwijkingen in asfalt, moeten vooraf zijn vastgelegd.

Kwaliteitsborging is daarom geen knop die je tijdens de uitvoering omzet. Het is een keten waarin iedere schakel van belang is:

RAW-bestek → kwaliteitsplan → stoppunten → keuringen → vastlegging → gevolgen bij afwijkingen

Valt één schakel weg, dan verzwakt de rest van de keten. Ontbreekt een stoppunt in het bestek, dan staat de directie minder sterk als de aannemer doorwerkt. Ontbreekt een goede vastlegging, dan wordt het lastiger om een herstelverplichting of andere contractuele gevolgen te onderbouwen.

Conclusie

Voor gemeenten en andere opdrachtgevers is kwaliteitsborging in RAW en de UAV 2012 uiteindelijk een kwestie van grip. Grip op de kwaliteit van het werk en op je eigen positie als opdrachtgever als er later discussie ontstaat over de uitvoering.

Die grip organiseer je niet op de bouwplaats, maar aan de tekentafel van het bestek. Daar leg je de basis voor een kwaliteitsplan, keuringen, stoppunten en een zorgvuldige vastlegging tijdens de uitvoering.

De vraag is daarom niet alleen: houden we voldoende toezicht? De belangrijkste vraag is: hebben we onze kwaliteitsborging zó ingericht dat dat toezicht ook daadwerkelijk effect heeft?

Verder verdiepen?

Wil je meer weten over kwaliteitsborging, de UAV 2012 en de RAW-systematiek? Dan biedt de training UAV en RAW in de praktijk verdieping in de toepassing van deze voorwaarden tijdens de voorbereiding en uitvoering van projecten.

Werk je als directievoerder of houd je toezicht op RAW-projecten? Dan sluit ook de Opleiding Directievoering & Toezicht in de Infra goed aan. Daar leer je hoe je de UAV 2012 en de RAW-systematiek toepast in de praktijk.